Verdwenen erfgoed in Mechelen-zuid : Het intrigerende gehucht “Halfgalg”

 

 

Langs de oude Brusselsesteenweg richting Zemst kennen alle Mechelaars “den autocontrol”, het gebouw waar men éénmaal per jaar met de auto moet binnenwippen voor de controle op rijwaardigheid van zijn voertuig. Aan de achterkant van “den autocontrol” ligt de Zemstbaan, ofwel de oude steenweg naar Brussel

 

200 meter terug naar Mechelen kan men onder een korte tunnel rijden. Als je uit deze tunnel rijdt kom je pal uit in het centrum van de eeuwenoude, maar verdwenen wijk “Halfgalg”.

 

Het enigszins ronde of ovale plein was gedurende eeuwen het centrum van een 30tal, meestal kleine huizen, die op een eigenaardige manier, zeer dicht tegen elkaar gebouwd werden. Deze constructie was enig in onze contreien en verdient enig diepgaand onderzoek. De originele huisjes zijn verdwenen na de tweede wereldoorlog.

 

Er is tot op heden bijna geen research gedaan naar deze locatie. De geïsoleerde gemeenschap Halfgalg is bijna een vergeten feit in de geschiedenis. Er is weinig wat er aan herinnert, buiten de naam zelf en de Halfgalgstraat, een straat niet ver daar vandaan.

 

 

 

 

Om niets te laten verloren gaan van dit interessant feit in de Mechelse geschiedenis ben ik op zoek naar alle mogelijk info over Halfgalg. Wenst U mee dit verhaal te reconstrueren, neem dan contact via mail met Marc Alcide

 

1935, met dank aan Marc Christiaens
Op bovenstaand plan uit 1935 is reeds een trend naar verstedelijking toe bezig, en wordt Halfgalg opgeslorpt in de golf van nieuwbouw aan heel de Zemstbaan

De eerste vermelding van de naam (Halve Galge) stamt uit 1658, althans volgens de Mechelse onderzoekers-verzamelaars Berlemont († )en Onsia († ). Zij beweren ook dat er aan de aangrenzende Geerdegemdries een geschreven vermelding is van een galg. Dit geschrift stamt uit 1617.

Maar  het gerechtsaspect is voor mij minder belangrijk. Het is vooral de opbouw van de huizen die het verhaal heel speciaal maken. Er is bij mijn weten nergens in Noord-België een gelijkaardige constructie van tientallen kleine huizen op deze manier bij elkaar gebouwd. Als U er één weet laat het mij weten ...

 

 

Enkele feiten:
  • De naam Halfgalg komt slechts twee keer voor in de Benelux.
  • Halfgalg had enkele jaren na de Belgische onafhankelijkheid reeds een geburenkring, die uiteindelijk meer dan 100 jaar heeft bestaan.
  • Aan Halfgalg stond een tolbareel, en twee afspanningen (kleine hotelletjes, waar men paarden kon stallen, iets eten en drinken).
  • In Nederland is er ook een toponiem Halfgalg. In Boxtel, 12 km ten oosten van Tilburg, staat een boerderij die momenteel de naam nog draagt. Het voormalige rechtsgebied van de heerlijkheid Boxtel en Liempde (nu de tegenwoordige gemeente Boxtel) viel onder dezelfde heer. Deze heer had de lage, middelbare en hoge rechtspraak over zijn gebied. Hij mocht dus ook de doodstraf uitspreken. Het gebied had dus een galg om het doodvonnis te voltrekken. Deze galg stond halfweg tussen de twee dorpen. Vandaar de naam van de boerderij! De Half-Galg in Boxtel wordt voor het eerst genoemd in 1750, bij een verkoping. Maar mogelijk is de boerderij ouder.
     

1905, met dank aan Marc Christiaens
Bovenstaand plan uit 1905 toont ongedetailleerd de bewoning, niet de individuele panden

Kaartmateriaal:

1800-1, 1800-2, 1800-3, Popp1, renteboek-1739, interbellum, 1811, 1842, 1740, 1824, Tolheffing, 1973, Geburenkring 1937, Popp2, 1750, b6469, 1803, Chanlaire

Een beeld van Mechelen en zijn gehuchten vóór het jaar 1800

Vóór pakweg het jaar 1800 was Mechelen eigenlijk een gesloten stad, met een stadsmuur en stadspoorten die 's avonds onherroepelijk tot de ochtend gesloten werden.
Eens buiten de stadspoorten was men eigenlijk dadelijk op het platteland. Dit platteland waren de huidige buitenwijken van Mechelen. Vroeger had je grofweg ten noorden van de stad Pennepoel, ten zuiden Geerdegem, ten oosten Nekkerspoel en ten westen Auwegem. In het noordwesten had je Battel.

Deze 5 gebieden hadden ongeveer eenzelfde structuur,  een paar grote boerderijen, pakweg 4 maal zoveel piepkleine boerderijtjes, één of meerdere molens, een kapel, een speelhuis van een rijke familie en een paar woningen van stielmannen, alles redelijk gespreid over het gebied.

Hierop had je enkele uitzonderingen: Nekkerspoel had bvb vlak buiten de stadsrand een 20tal woningen naast mekaar waarin allemaal "mestrapers" woonden. Deze mensen verzamelden mest in de stad en verkochten die door aan de boeren van Sint Katelijne Waver. Verder had je Zennegat, waar een tiental huizen stonden van de "bootslepers".

Maar meer intrigerend waren de talrijke huisjes van de dagloners van Halfgalg, halfweg de baan Mechelen-Zemst, een zeer gesloten gemeenschap van relatief talrijke, zeer dicht op elkaar staande, kleine huisjes.